In de zomer van 2026 krijgt Zwolle er een nieuw boutiquehotel bij. Hotel Florès combineert 28 kamers met een barconcept en kiest bewust voor een warm, gelaagd interieur, waarbij elke kamer een eigen sfeer krijgt. Hotelmanager Roos Steenbruggen en de ondernemers Paul Bredewout en Martin Binnendijk bouwen samen aan een concept waarin gastbeleving, detailniveau en de stad Zwolle een centrale rol spelen.



De liefde voor hospitality ontstond al tijdens haar opleiding aan de Hotelschool. Tijdens een stageperiode in Amsterdam merkte ze dat ze energie kreeg van het werk op de vloer, maar ook van het totaalplaatje: sfeer, concept en hoe je een gast verleidt en verrast. “Gastvrijheid is echt mijn passie,” zegt ze. “Ik vond het ook interessant hoe je zo’n concept neerzet en zichtbaar maakt.” Vanuit die fascinatie startte ze op Instagram De Hospitality Show, waarmee ze inspirerende hotels en horecaconcepten wilde tonen.
De echte klik met boutiquehotels kwam in Deventer. “Ik fietste langs een groot wit pand en dacht meteen: hoe vet zou het zijn als je hier een boutiquehotel zou starten.” Enkele maanden later hing er een doek met precies die boodschap. Via de eigenaar belandde ze bij Boutique Hotel Finch, waar ze als assistent-hotelmanager aan de slag ging. “Daar begon het echt.”


Bij Finch ontdekte ze hoe breed hotelmanagement in de praktijk is. “Je moet overzicht houden en continu in 360 graden kijken: wat zou je opvallen als gast? Is het stoepje netjes? Is het rommelig bij de entree?” Volgens haar zit het verschil tussen een goed hotel en een uitstekend hotel vaak in kleine details, maar ook in de manier waarop je een team aanstuurt. “De grootste uitdaging is om het niet even zelf te gaan doen. Natuurlijk ben ik er, maar ik moet eerst zorgen dat anderen ook hun werk doen. Leren delegeren, daar ben ik nu heel bewust mee bezig.”
Wat boutiquehotels volgens haar onderscheidt, is de persoonlijke sfeer en de zichtbaarheid van de ondernemer. “Je voelt de soul van de mensen die het neerzetten. Er is bijna altijd een bekend gezicht. Dat maakt dat gasten zich speciaal voelen.” Ook het interieur speelt daarin een belangrijke rol. “Niet ingericht door een megapartij, maar met persoonlijke items, kunstcollecties en mooie lokale merken. Dat vind ik superinspirerend.” Voor Steenbruggen hoort daar ook een bar of lounge bij die uitnodigt om te blijven. “Dan maak je makkelijker contact en ontstaat er meer verbinding, ook tussen gasten onderling.”
Na Finch stapte ze tijdelijk uit de sector en reisde door Azië. Via een onverwachte kans belandde ze uiteindelijk op Bonaire, waar ze als leidinggevende aan de slag ging bij beachclub Ocean Oasis. “De horeca is geweldig, maar hier miste ik toch het hotelwezen.”

Een periode in sales bevestigde dat gevoel. “Het draaide veel om targets en bonussen. Dat paste niet bij mij.” Toen de eigenaren van Hotel Florès haar benaderden met hun plannen, was ze dus meteen enthousiast.
Als hotelmanager ligt haar rol in Zwolle anders dan bij Finch. Waar ze toen vooral op de vloer stond en veel kon sparren met een eigenaar die zelf hospitalityervaring had, moet ze nu het totaal overzien. “Ik moet overkoepelend vooruitkijken, managen en aan de juiste knoppen draaien, ook op het gebied van revenue.”
Bij Hotel Florès wil ze vooral bouwen aan een gastbeleving die verder gaat dan ‘goed geregeld’. “Het moet altijd schoon en netjes zijn, maar gasten onthouden vooral wat hen verrast.” Bij Florès kiest ze daarom onder meer voor een eigen gids met tips voor de buurt. “Wat je moet zien, waar je waanzinnig kunt eten en drinken. Dat soort dingen maken het persoonlijk.”


Bredewout werkt al jaren met supermarktformules als C1000, Albert Heijn, Etos en Gall & Gall en raakte daarnaast betrokken bij vastgoedontwikkeling. Binnendijk onderneemt sinds 2009 in de supermarktbranche en runt momenteel twee Jumbo-vestigingen. De stap richting hotellerie ontstond vanuit een vastgoedkans: een voormalig kantoorpand in Zwolle met ruimte voor woningen én een hotel.
“Als ontwikkelaar kun je zo’n pand verhuren of verkopen, maar wij vonden het juist leuk om het zelf te gaan doen,” zegt Bredewout. “Het was een nieuwe stap, maar die stap moet je gewoon nemen. Als je niet begint, gebeurt er nooit wat.” Dat het een boutiquehotel werd, was mede een kwestie van schaal. “We hebben niet megaveel ruimte. Dit biedt een kans om iets anders neerzetten dan een standaardhotelketen.”
Daarmee stappen de ondernemers niet alleen in een nieuwe sector, maar ook in een andere manier van werken. Retail en hospitality hebben overeenkomsten, maar in de praktijk zijn er ook veel verschillen. “In de supermarkt kun je het hoofdkantoor voor veel zaken inschakelen. Hier moet je vanaf nul alles zelf bedenken: het logo, de naam, de uitstraling,” zegt Binnendijk. Bredewout herkent vooral het detailniveau. “Hoe verder je in het proces komt, hoe ‘kleiner’ de beslissingen worden, zoals de locatie van een wifi-kastje. Het is een optelsom van heel veel keuzes.”
Juist doordat het project in de binnenstad ligt en in een historisch pand wordt gerealiseerd, komt daar ook veel maatwerk bij kijken. “Midden in Zwolle starten is een logistieke puzzel,” zegt Bredewout. “En in historische panden moet je vaker dingen met de hand oplossen.”
In plaats van alles zelf te willen uitvinden, bouwden Bredewout en Binnendijk bewust een team om zich heen. “Je moet alle werelden samenbrengen. We hebben goede ondersteuning vanuit ontwerp en inrichting, en met Roos hebben we een hotelmanager die de praktijk snapt,” zegt Bredewout. Binnendijk noemt dat een van de grootste pluspunten: “Iedereen doet zijn eigen stukje. Onze taak is vooral om het aan te zetten en te zorgen dat alles klopt.”
De rolverdeling tussen de twee is inmiddels helder. Binnendijk verwacht vooral operationeel betrokken te zijn. “Ik ben het meest benieuwd naar de reacties van de gasten. Hoe gaan zij het waarderen?” Bredewout richt zich meer op de randvoorwaarden. “Wij zorgen dat het fundament goed staat, zodat Roos er straks een mooi platform heeft om mee te werken.”
Hoewel de hotelsector nieuw is voor hen, zien ze het traject vooral als een typisch ondernemersproces: leren door te doen. “Plan A is nog steeds hetzelfde, maar je laat je adviseren over welk beeld je wilt uitstralen,” zegt Bredewout. Dat het niet bij één hotel blijft, sluiten ze niet uit. “Maar we concentreren ons eerst op dit Florès. We moeten uiteindelijk nog beginnen.”
In de positionering van het merk speelt storytelling een centrale rol. Florès omschrijft zichzelf als ‘interior design hotel’ en gebruikt de slogan ‘Escape the ordinary’. Daarmee richt het hotel zich op gasten die bewust kiezen voor karakter, sfeer en een verblijf dat verder gaat dan alleen een kamer.
De merkidentiteit verwijst naar Zwolle. Het logo is gebaseerd op de Zwolse tulp, een element dat symbool staat voor bloei en vernieuwing. Ook in de teksten rond het concept wordt Zwolle neergezet als “onze achtertuin”, met aandacht voor historische straten, makersateliers, verborgen bars en culturele hotspots.
Het interieur vormt een belangrijk onderdeel van de totale beleving. In het brandbook is een duidelijke stijlrichting zichtbaar: warme tinten, botanische illustraties, rijke materialen en een nostalgische onderlaag. De look-and-feel is opgebouwd rond hout, messing, textiel en steen, gecombineerd met vintage-accenten en opvallende prints. Het hotel kiest daarmee bewust niet voor een minimalistische of neutrale hotelstijl, maar voor een meer uitgesproken boutique-uitstraling.
Hotel Florès krijgt in totaal 28 kamers, verdeeld over vijf verschillende categorieën. Naast compacte kamers zijn er ook ruimere types, waaronder kamers met een vrijstaand bad. Voor gasten die met drie personen reizen, zijn er triple rooms. Families kunnen twee kamers boeken die onderling met elkaar verbonden zijn.
In het ontwerp speelt kleur een duidelijke rol. In plaats van één uniforme hotelstijl wordt gewerkt met meerdere kleurwerelden die per kamer terugkomen in stoffering, tegels, gordijnen en meubels. Daarmee krijgt elke kamer een eigen karakter, zonder dat het concept versnipperd raakt.
Het interieur wordt verzorgd door Anna + Nina, die als hoofdleverancier verantwoordelijk zijn voor de inrichting van het hotel. Voor het
Amsterdamse lifestylemerk is dit de eerste keer dat het een hotel van begin tot eind inricht. Ook kleinere elementen, zoals accessoires en bar- en kamerdetails, dragen bij aan een herkenbare signatuur.
Voor de realisatie werkt Florès samen met Knol Bouwgroep als bouwkundig partner. Mariken Wiegerinck van Stekkie Amsterdam is verantwoordelijk voor de architect-tekeningen en Machteld van der Werff is projectleider vanuit A+N. Voor de installaties op de begane grond, waaronder keuken en bar, is Van Gestel Installaties verantwoordelijk, terwijl United de installaties in de overige delen van het hotel verzorgt. Hoogeslag Totaal Interieur neemt de bouw van de bar voor zijn rekening en Admiraal realiseert het maatwerk in de hotelkamers. De inbouwbanken in de bar worden vervaardigd door Leta.
Een belangrijk onderdeel van de opzet is de bar. Die krijgt niet de rol van ondersteunende voorziening, maar moet een plek worden waar gasten zich kunnen terugtrekken, verblijven en ontmoeten. Eén van de eigenaren verwoordt dat als volgt: “We overwogen om er eerst een uitgiftepunt van te maken, maar dan mis je de emotie. Nu wordt het een plek die uitnodigt om te blijven zitten met een glas wijn en een boek.”
Zo krijgt de bar een huiskamerfunctie binnen het hotel, maar hij wordt ook toegankelijk voor bezoekers uit de stad. Het concept richt zich op ontbijt, koffie, lunch en borrel, niet op een uitgebreid dinerrestaurant. De ligging in de binnenstad, met veel horeca in de directe omgeving, speelt daarbij een rol.
Het brandbook laat zien dat Florès inzet op een samenhangende gastreis, waarin kleine elementen bijdragen aan herkenning en sfeer. Denk aan eigen minibar- en kamermaterialen, notitieblokken, guest information boxen en badjassen met logo. Ook in de bar zijn merkdetails uitgewerkt, zoals kaarten, lucifers, servetten en zelfs een stempel voor ijsblokken. Buiten wordt gewerkt met zichtbare herkenning, zoals een messing gevelbord en een vlag.
Daarnaast hoort bij het concept een curated guide: een selectie van adressen in Zwolle die aansluit op de stijl en smaak van Florès. Daarmee wordt de stad actief onderdeel van de beleving en worden gasten gestimuleerd om buiten het hotel op ontdekking te gaan.
Met die combinatie van interieur, detailniveau en een open barconcept positioneert Hotel Florès zich als boutiquehotel dat niet alleen op overnachting stuurt, maar ook op verblijfskwaliteit en sfeer.